Een douche, een honden uitlaat , en de reis kon weer beginnen. Het plan was , om naar Rostock te gaan, en oversteek van 36 mile. De wind was gematigd en dit zou een rustig dagje worden. Het was zaterdag , en vissersschepen met hengel vissers passeerden ons. Het kleine beetje wind wilde optimaal gebruiken. De koers was opnieuw net te doen in en aan de windse richting.
Na een paar uur varen, viel de wind dusdanig weg, dat we besloten de zeilen ze strijken en puur op motor verder te gaan.
Echter na wat overleg betreffende onze koers , leek het verstandiger Rostock te laten liggen en koers te zetten richting Stralsund. Hierdoor zouden we een dag uit kunnen sparen, en zouden we de hoek Rostock-Darsser Ort O winnen .
Zo ging het verder rond de kop van Funkmast van Ostseebad prerow en Fuhlendorf. Een natuurgebied met status, waar je uit de kant moet blijven en waar je zelfs in uiterste nood pas gebruik mag maken van de noodhaven bij het Darsser Ort Riff. Natuur organisaties hebben dit noordelijk deel van het Oude Oost Duitsland tot verboden gebied verklaart voor de mens.
Onderweg , midden op zee, werden we verrast door 1 of meer dolfijnen, die een 100 meter voor ons opdoken. Snel het foto toestel gepakt , naar voren gelopen en recht erop af. Mooi niks te zien.
Toen we iets verder waren, lieten ze hun vinnen opnieuw boven water komen, maar toen achter ons.
We wisten dat dit een lange dag ging worden. Echter, nu de wind op stak , pal tegen, ging het nog meer tijd kosten. We liepen zo ruim een knoop langzamer.
Hadden moeite de 5 knopen aan te tikken, en dan wil zo een kust maar niet dichterbij komen.
Vanaf 10 mile kun je met dit heldere weer al zien waar je heen moet.
Voor ons zagen we steeds op de koers van 91 graden de mast van een zeilboot, wat het koers houden makkelijk maakte. Langzaam schoof die weg achter de horizon.
Na een poosje leek het wel of we het weer zagen, maar voer meer naar de bakboord hoek van de baai, waar volgens de kaart ook een kleine ingang was. De ondieptes voor het eiland Gellen, waarlangs de aanvaar route lag, maakte het best lastig.
Uiteindelijk bleek de mast een lichttoren(53 meter hoog) te zijn, en volgden we weer onze eigen weg.
Daar wij maar 1.10 diep steken, kan je wel eens wat wagen, als het om over ondieptes gaat, maar tegen nacht in een onbekend vaargebied vast lopen, is andere koek. Toch zoek je de randjes op van wat kan. Soms schrik je weer als je dieptemeter hard terug loopt naar onder de meter.
Dan moet je terug uit het donker blauwe naar het licht blauwe gebied op de kaart.
Eenmaal in de vaarroute, konden we onze weg vervolgen naar de eerste haven, Barhoft.
Daar kwamen we in een overvolle haven terecht , waar ze aan een, meer dan verdubbeling werkte voor het aantal aanleg plaatsen., maar nu niet operationeel waren.
We gingen langszij aan een vissersboot, en waren gelukkig nog net voor donker binnen, na 72 miles op de teller.
Een korte wandeling gaf aan dat we ons hier toch wel op een heel mooi stukje Duitsland bevonden.