Dag 29 Lauwersoog-Ameland
22 juli 2018
De sluis deed op zondag pas zijn eerste schuttig om 8 uur. Voor ons eigenlijk twee te laat, omdat het tij al een paar uur afgaand is. Ons doel was, om midden op het wad, waar de wadlopers over steken van Holwerd naar Ameland droog te gaan liggen, en daar met de Tommies vlag in de stag, snoeptomaatjes uit te delen. We hadden twee wantijen(een ondiepte die droog valt bij eb) te nemen, voor we op dit wantij voor anker konden voor het spektakel.
Op het eerste wantij liepen we vast op de harde ondergrond van het wad. Nu was het dus tijd om te wachten tot het tij gekeerd is, en we verder kunnen varen met bestemming Nes.
Daar lagen we dan. Binnen twee uur konden we rond de boot lopen zonder nog natte voeten te krijgen. De temperatuur was ideaal, de zon scheen, en de wereld was alleen voor ons.
In de verte lagen nog een paar boten droog, maar wij konden kilometers lopen zonder, schip , zonder zeehond, en zonder mensen om ons heen. Even…. Alleen op de wereld.
Het zoute zeewater, verlaat langzaam de geulen. Dan is er een tijd van even niets, waarna de zee met een zelfde snelheid als waar het mee ging, weer terug keert in de geulen en de onmensen oppervlakte, waar krabbetjes, garnalen, mosselen andere schelpdieren wonen.
Na 5 uur na vast lopen, doen we een poging onze tocht te vervolgen. Altijd te vroeg, want bij de volgende hinderlaag (zandbank) lagen we alweer vast, en was een wachttijd van drie kwartier nodig ,voor we uiteindelijk onze tocht naar Nes konden vervolgen. In Nes kregen we mooi plekje naast een lemsteraak uit Friesland van een maatje groter dan wij, die weer vast zat aan een garnalen visser.
Op Nes hebben we het restaurant aan het havenhoofd gekozen voor een goede vismaaltijd. Voor je weer aan boord ben, is het dan alweer gauw laat in de avond.
De volgende dag was voor verkenning Nes.